-Doelen:

3. Weet hoe spiegels werken; wat een spiegelbeeld / virtueel beeld is.

4. Je weet wat licht is; wat bewegende beelden zijn.

5. Je weet wat kleuren zijn; wat het lichtspectrum is.

6. Je weet hoe je kleuren mengt en hoe kleuren opgebouwd zijn.

7.Je weet wat lichtbreking is en waarom lichtstralen van richting veranderen

8. Je kunt beschrijven hoe beelden zijn opgebouwd

9. Je weet wat viscositeit is.

10. Je weet hoe de zwaartekracht werkt.

_____________________________________________________________________

3. Weet hoe spiegels werken; wat een spiegelbeeld / virtueel beeld is.

Licht weerkaatst altijd het beste op een zo glad mogelijk oppervlak. Daarom zijn spiegels ook altijd zo erg glad. Zo kunnen de spiegels precies hetzelfde weergeven. Doordat ze de lichtstralen ook goed en volledig ontvangen. Bij een ruw oppervlak is het natuurlijk heel erg lastig want de lichtstralen weerkaatsen dan overal heen.

Spiegels zijn met name gemaakt van: zilverdamp, koperdamp,hoogglans en glad.

Bij een discobal kun je ook niet iets in z’n geheel zien. Dat komt doordat het kleine stukjes spiegel zijn en niet een geheel. Daarom kaatst het licht alle kanten op. Vandaar het discobal effect.

4. Je weet wat licht is; wat bewegende beelden zijn.

8. Je kunt beschrijven hoe beelden zijn opgebouwd

Vroeger bestond een film uit heel veel plaatjes achter elkaar. Het werd heel snel achter elkaar gedraaid en zo leek het heel vloeiend. Er moeten 24 plaatjes per seconde gedraaid worden om het vloeiend te krijgen. Langzamer is als een robot en snel lijkt het alsof je doorspoelt. Daarom zie je sommige beelden een soort van vastlopen als je naar oude fragmenten uit een film van bijvoorbeeld Charlie Chaplin. Bij tekenfilms waren dat geen foto`s, maar tekeningen. Bijvoorbeeld Mickey Mouse. Mickey werd dan door heel veel mensen heel vaak nagetekend  maar dan in een andere positie.

Licht wordt  weergeven door middel van lichtstralen. Lichtstralen worden weergeven door golven. De golven bestaan uit hele kleine deeltjes energie,deze heten fotonen. De fotonen bewegen zich in een golf. Zoals water golven maar dan veel kleiner natuurlijk.

5. Je weet wat kleuren zijn; wat het lichtspectrum is

6. Je weet hoe je kleuren mengt en hoe kleuren opgebouwd zijn.

Je zou er nooit bij stilgestaan hebben, maar wist je dat alles licht afgeeft?

Alles straalt licht uit en het licht wordt door onze ogen geabsorbeerd. Door wit licht is het mogelijk dat wij verschillende kleuren tegelijk kunnen zien. Als het licht dat van de zon komt, bijvoorbeeld alleen zwart is, dan zie wij helemaal niets. Als je alle kleuren bij elkaar toevoegt, zul je wit krijgen. Je kunt op twee manieren kleuren mengen. Additief en subtractief. Additief

(denk aan het Engelse woord Add:toevoegen)is dat is dat je kleuren mengt, bijvoorbeeld doormiddel van gekleurde lampen of verf. Subtractief houdt in dat je kleuren van elkaar aftrekt als je bijvoorbeeld rood van paars aftrekt, krijg je blauw.

Hieronder zie je een plaatje van het lichtspectrum.

Ultraviolet : Zeer gevaarlijke licht. Als het ozonlaag beschadigt, kan de UV straling binnen het atmosfeer komen en dat is heel erg gevaarlijk voor ons bestaan. Een van de ziektes die UV straling kan veroorzaken is huidkanker.

Zichtbaar: Al het licht dat zichtbaar is voor het menselijk oog.

Infrarood: Infrarood kun je wel waarnemen. Je kunt de warmte voelen.  Een van de voorbeelden is de straling van een afstandsbediening.

EM1nl

Uit wit licht kun je alle kleuren van het spectrum halen.

 

7.Je weet wat lichtbreking is en waarom lichtstralen van richting veranderen

Licht gaat sneller door lucht dan dat het door water gaat. Daarom vallen de lichtstralen niet precies op de plaatsen waar het vandaan komt. Dit komt doordat licht in water een andere richting heeft dan in water.

 breking_potlood1 breking_potlood2

9. Je weet wat viscositeit is.

Viscositeit lijkt wel heel moeilijk om het begrip te snappen. Het is eigenlijk heel simpel. Viscositeit geeft de dikte/stroperigheid van een bepaald object aan. Het is dan altijd iets vloeibaars. De viscositeit van honing is bijvoorbeeld meer dan de viscositeit van water of sap.

Als de Honing warm is, dan is het vloeibaar. Als het koud is dan is het ook harder. Neem bijvoorbeeld een stroopwafel uit de winkel en een stroopwafel bij een kraampje.   

Honing is heel dik. De viscositeit ervan is heel veel. Daarom duurt het heel lang voor  honing uit een flesje komt.

De viscositeit van water is heel weinig. Daarom stroomt water zo snel als je het inschenkt.

Acacia_Honing_25_4db9692f40da8 2618641675

Moleculen    

 

Vaste stof:                     Gas:                                    Vloeibaar stof:

Plastic                          Lichaamsgas, scheet,boer      Water

Stof                              Zuurstof                                      Thee

Huid                              Kooldioxide                            Sap

 

Hierboven zie je verschillende voorbeelden van dezelfde molecules, maar dan in een andere vorm. Stroop is bijvoorbeeld wat dichter dan de lossere stof. Dat wil dus zeggen dat de viscositeit van stroop meer is dan de viscositeit van water.

 

 

10. Je weet hoe zwaartekracht werkt.

Zonder zwaartekracht zouden wij niet op aarde kunnen blijven staan. Vooral niet als je op de Zuidpool zou wonen. Diep in de aarde zit een soort van aantrekkingskracht dat ons op de aarde houdt. Daarom valt alles ook altijd naar beneden bijvoorbeeld een appel uit een boom. De kracht trekt dus alles naar de aarde toe. De maan heeft een speciale aantrekkingskracht. Het trekt water naar zich toe. Zo ontstaat er eb en vloed.  getijden3

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s